Sozio 3 Buitengewoon normaal 2021

Sozio 3 Buitengewoon normaal 2021

2021

Omschrijving

Als je de berichten op sociale media moet geloven is eigenlijk niemand meer normaal: iedere afwijking van wat men als gangbaar ziet, wordt uitvergroot. In professionele hulpverlening door social workers, jongerenwerkers c.s. moet het begrip normaal worden verruimd. Door minder te labelen werken we aan inclusie en vermijden we hopelijk daardoor stigma en achterstelling. Buitengewoon normaal zijn mensen met LVB en psychische beperkingen, ADHD, autisme, handicap, thuisloosheid, verslaving en wat er zoal nog meer uit de DSM komt rollen. Maar een mens is een mens, met ieder zijn of haar eigen-aardigheden. In de professionele relatie is dat een kernwaarde en in bejegening en taalgebruik is dat prioriteit.

In deze thema-editie van Sozio:

  • ‘Ik heb geen last van broccoli, maar wel van asperges.’
  • Verward gedrag: een ‘wicked problem’ of een ‘veelkoppig monster’
  • Zelfstandig wonen met begeleiding: ‘Ik heb hier hulp als dat nodig is’.
  • Heb jij oog voor ingrijpende jeugdervaringen bij jeugdigen met verstandelijke beperkingen?
  • Laaggeletterdheid: begrijpelijk zijn is best moeilijk
  •  Are we @ease: jonge vrijwilligers in gesprek met hun leeftijdsgenoten over problemen.
  • De krachtenwijzer: samenwerken aan samenredzaamheid
  • Risico’s op waarde schatten: Wat maakt dat de LVB-doelgroep zoveel complexer is geworden?
  • Voor wie is wat normaal?
  • Zelfstandig wonen met begeleiding: ‘Heel veel dingen kan ik zelf’.
  • Ervaringsdeskundigheid: ‘Ik ga naar het werk en laat thuis…’
  • Eigen kinderen van pleegouders: op het podium word je vanzelf zichtbaar.
  • Hersteltaal in de professionele relatie
  • Meewerkend begeleider bij mensen met een beperking: ‘Ik zit op de goede plek’.
  • Nep Echt: een app die helpt om te kunnen zien of online informatie nep of echt is.
  • Rots en water programma: het gevoel dat je er mag zijn
  • Een loopbaan binnen de zorg: veelzijdig maar pittig werk
  • Hoop een huis geven: de rol van de gezinsvoogd in gezinshuizen ten tijde van corona
  • Project ‘Stigma in de Wijk’: mensen in de wijk bewust maken van stigma en de impact ervan.
  • Samenspel en samenwerking: ook al vroeg je er niet om, de bonuspartners krijg je erbij
  • 'Het – onterecht - beschrijven van ADHD als levenslange erfelijke hersenziekte, kan leiden tot een toenemende hulpvraag.’
  • Je Eigen Stek (JES): een doorstroomvoorziening in zelfbeheer, gericht op daklozen.
  • Ervaringsverhaal: ‘Een angst- en dwangstoornis is uitputtend’.
  • Powergirlz verhalen van vrouwen met autisme: ‘Anders zijn door autisme zie ik als een superkracht’.
Are we @ease: 74 jonge vrijwilligers in gesprek met hun leeftijdsgenoten over problemen

Are we @ease: 74 jonge vrijwilligers in gesprek met hun leeftijdsgenoten over problemen

Driekwart van alle psychische aandoeningen ontstaat voor het 25e levensjaar. Ondanks dat er goede vormen van hulpverlening beschikbaar zijn, krijgt slechts 30 procent van de jongeren met psychische klachten adequate zorg. Schaamte speelt hierbij een grote rol, met als gevolg dat jongeren niet of pas (te) laat om hulp vragen. Ook is het lastig de juiste zorg te krijgen wanneer iemand op meerdere terreinen problemen heeft of geen duidelijke diagnose krijgt, om nog maar te zwijgen van de lange wachtlijsten in de ggz. Aan de professionals in het veld is de opdracht deze jongeren tijdig te bereiken en passende hulp te bieden op het juiste moment. Om dit te kunnen realiseren is het van belang dat diverse (zorg)- partners nauw samenwerken, bij voorkeur dicht bij de jongeren én op een manier die aansluit bij de behoeften van jongeren. In tegenstelling tot de opzet in Australië, waar de medewerkers overwegend professionele hulpverleners zijn, is er in Nederland voor gekozen om vrijwilligers een actieve rol te geven in de @ease centra. De jonge vrijwilligers (soms ervaringsdeskundig) worden getraind en voeren in tweetallen gesprekken met hun leeftijdsgenoten die binnenlopen voor hulp. Zorgprofessionals zijn als sparringpartner in huis beschikbaar. Deze peer-to-peer manier van werken wordt ook in Australië, waar het tekort aan geschoolde psychologen nijpend is, met grote interesse gevolgd.

Meer info
3,90
Asperges

Asperges

‘Ik heb geen last van broccoli, maar wel van asperges’, zegt de man die naast me op het bankje in het park plaatsneemt. De man slaakt een lachje van precies een lettergreep: ‘Ha!’ Ik begrijp er geen fluit van, maar ik zeg niks.

 Onze honden spelen bij het water. De platneuzige knorrepot van mijn gesprekspartner jaagt mijn hondje op met een verbetenheid waar Badr Hari nog een puntje aan kan zuigen. Hebben wij even de tijd om rustig als heren onder elkaar te converseren.

Dat van die asperges beweerde mijn psychiater vorige week nog’, zet mijn gesprekspartner mij op het verkeerde been. Voordat ik een vervolgvraag kan bedenken die mijn verwarring enigszins camoufl eert, verklaart de man, die ik intussen ken als Ronald, zich nader: ‘Hij beweert dat ik het syndroom van Asperger heb, weleens van gehoord? Volgens hem komt alle ellende in mijn leven daardoor. Dat heb ik weer.’ Zichtbaar geagiteerd tuft Ronald een fl inke fl uim op het pad voor ons. Ik heb een verre neef met Asperger. Anton. Deze neef is een rare snijboon. Een einzelgänger. Anton is hoogbegaafd, is gepromoveerd, heeft een ingewikkelde maar goedbetaalde baan en is altijd onberispelijk, weliswaar wat ouwelijk, gekleed.

 

Meer info
3,90
De krachtenwijzer: samenwerken aan samenredzaamheid

De krachtenwijzer: samenwerken aan samenredzaamheid

Het bevorderen van zelfredzaamheid is een centraal uitgangspunt bij de transitie en transformatie in het sociaal domein. Zelfredzaamheid gaat over jezelf kunnen redden in het dagelijks leven. We kunnen daarvoor niet zonder de hulp van anderen. Daarom spreken we hier over samenredzaamheid. Het bevorderen van samenredzaamheid is nodig wanneer de behoefte aan hulp van anderen groter is dan de beschikbare mogelijkheden.

Om daarvoor vanuit het sociaal domein passende hulp te kunnen bieden, is inzicht nodig in de behoeften (willen) en krachten (kunnen) van een persoon en/ of gezin en het netwerk eromheen. We beschrijven wat daarbij de uitdagingen zijn en hoe de Krachtenwijzer daaraan kan bijdragen.

Meer info
3,90
Een loopbaan binnen de zorg: veelzijdig maar pittig werk

Een loopbaan binnen de zorg: veelzijdig maar pittig werk

Giny Potiek (65) heeft jarenlang in de gezinszorg gewerkt. Hierna is zij enige tijd gestopt in verband met de kinderen en het gezin. Na enkele jaren pakte zij de draad weer op. Giny heeft inmiddels veelzijdige ervaring en een gevarieerde loopbaan binnen de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking.

Ik begon binnen Abrona met het opzetten van een ontbijtgroep voor meervoudig beperkte bewoners die functioneerden op laag niveau. Ik zette alles klaar voor het ontbijt, haalde de cliënten op van de afdeling, bracht ze naar de ontbijtruimte, hielp ze bij hun ontbijt en bracht ze naar de dagbesteding. Bij de lunch werkte ik als assistent op de afdeling.’ Giny herinnert zich: ‘Ik heb die ontbijtgroep van de grond af opgebouwd. Het was heel leuk om te doen, maar na enkele jaren was het geld op. Ik ging toen als fl exmedewerker aan de slag in diverse woongroepen en afdelingen. Ik werd als begeleider B ingezet bij clienten op laag niveau. Ik hielp onder andere bij het opstaan, ontbijten en naar de dagbesteding brengen van oudere bewoners in de leeftijd van 50 tot 80 jaar.’ Daarna werkte Giny, inmiddels met een vast contract, een tijd met oudere cliënten die niet mobiel waren en veel zorg nodig hadden.

Meer info
3,90
Ervaringsdeskundigheid: ‘Ik ga naar het werk en laat thuis…’

Ervaringsdeskundigheid: ‘Ik ga naar het werk en laat thuis…’

De afgelopen vijftien tot twintig jaar heeft ervaringsdeskundigheid een vlucht genomen. Het initiatief hiervoor lag bij de internationale cliëntenbeweging. In Nederland timmerde HEE (Herstel Empowerment & Ervaringsdeskundigheid), o.a. onder leiding van Wilma Boevink, lange tijd aan de weg. In die periode groeide een breed arsenaal aan herstel georiënteerde initiatieven, waarin steeds nadrukkelijker aandacht kwam voor de bijdrage van ervaringskennis die moest leiden tot een kwalitatieve verbetering van de zorg. Inmiddels heeft de Nederlandse Zorgautoriteit het beroep van ‘ervaringsdeskundige’ erkend.

Ook is er een beroepscompetentieprofi el ervaringsdeskundigheid en een landelijk leerplan, dat in 2017 door het Trimbosinstituut in samenwerking met het Kenniscentrum Phrenos werd gelanceerd. In datzelfde jaar is eveneens door het Netwerk Kwaliteitsontwikkeling GGZ (NKO) een landelijke module herstelondersteunende zorg uitgebracht, waarin ervaringsdeskundigheid een noodzakelijke plaats krijgt toebedeeld. Ervaringsdeskundigheid professionaliseert zich zo tot een nieuwe en complementaire – ook wel multi-deskundigheid genoemde – binnen de ggz (Delespaul, Milo, Schalken, Boevink, & Van Os, 2016). Hierin wordt gepleit voor een kruisbestuiving van verschillende bronnen van kennis onder verschillende disciplines binnen de ggz. Echter, rond 2017 lijkt de ingezette herstelbeweging in Nederland een zeker plateau te hebben bereikt. Precies in die periode startten twee lectoraten, een UMC en zeven instellingen een groots project, om de weg te bereiden voor een ‘nieuw type professional’. Want na de komst van betaalde ervaringsdeskundigen in de ggz, doen ook zorgprofessionals een boekje open over de soms moeizame trajecten door de hulpverlening en persoonlijke ervaringen met trauma én veerkracht.

Meer info
3,90
Heb jij oog voor ingrijpende jeugdervaringen bij jeugdigen met verstandelijke beperkingen

Heb jij oog voor ingrijpende jeugdervaringen bij jeugdigen met verstandelijke beperkingen

Ingrijpende jeugdervaringen kunnen een grote negatieve rol spelen gedurende het leven. Deze ervaringen kunnen ontwikkeling, gedrag, psychische en lichamelijke gezondheid en welbevinden van jeugdigen negatief beïnvloeden, wat zich kan uiten in bijvoorbeeld ernstige gedragsproblemen, stemmingsstoornissen of lichamelijke klachten. Toch is hier in de praktijk vaak nog (te) weinig oog voor. Nieuwe inzichten bieden perspectief.

Jeugdigen met verstandelijke beperkingen hebben, in vergelijking met leeftijdsgenoten zonder verstandelijke beperkingen, een verhoogd risico op het meemaken van ingrijpende ervaringen in hun leven; in het bijzonder op het gebied van interpersoonlijk geweld. Ingrijpende jeugdervaringen zijn stressvolle ervaringen die een jeugdige ofwel rechtstreeks schaden (door bijvoorbeeld verwaarlozing, mishandeling of misbruik), dan wel een negatieve invloed op hen hebben via hun omgeving (zoals het opgroeien in een gezin waar ouderschap en het gezinsfunctioneren fors onder druk staan of het opdoen van langdurige, stressvolle ervaringen in de bredere sociale omgeving). Uiteenlopende redenen kunnen een rol spelen

Meer info
3,90
Hersteltaal in de professionele relatie

Hersteltaal in de professionele relatie

Onbewust labelen, stigmatiseren, jargon: taalgebruik is in de professionele relatie heel belangrijk. Het gaat er dan in de eerste plaats om gewone mensentaal te spreken en aan te sluiten bij de woorden en het begripsvermogen van de cliënt. Johan van der Putte (in Thuyn, 2013, p. 12) noemt het voorbeeld van een cliënt die aangaf ‘psychose’ een vies woord te vinden en het vervelend te vinden dat zijn ouders dat woord gebruikten. Van der Putte vroeg hem hoe hij wilde dat hij het zou omschrijven, waarop hij antwoordde: ‘Schrijf dat ik soms in de war ben in mijn hoofd.’

Onze taal dient respectvol te zijn, niet oordelend, duidelijk en begrijpelijk. We moeten jargon vermijden. Een bijzonder kenmerk van herstelondersteunende taal is dat het positief van karakter is. Het ademt hoop en mogelijkheden. Het is in dit verband van belang om je te realiseren dat het er altijd om gaat hoe de ander begrijpt en ervaart wat je zegt. Het gaat om ‘zorgresponsiviteit’. Als zender van informatie dienen we voortdurend gevoelig te zijn voor hoe de ander de informatie ontvangt. Bij goede zorg gaat het erom dat onze communicatie bijdraagt aan een goede en steunende samenwerkingsrelatie, en uiteindelijk aan gezondheid en welzijn.

Meer info
3,90
Hoop een huis geven: de rol van de gezinsvoogd in gezinshuizen ten tijde van corona

Hoop een huis geven: de rol van de gezinsvoogd in gezinshuizen ten tijde van corona

Met het project ‘Hoop een huis geven’ willen vier hogescholen ( Zuyd Hogeschool, Christelijke hogeschool Ede, Windesheim en Hogeschool Leiden) meer zicht krijgen op de profi elen van de kinderen die in de gezinshuizen wonen. Tevens zoeken de onderzoekers naar de succes- en mogelijke risicofactoren van gezinshuizen. Tijdens de eerste lockdownperiode is aan 149 gezinshuisouders gevraagd hoe het met hen en met de kinderen ging. Ook vroegen onderzoekers naar de ervaren steun en van wie die kwam. Onderzoek De gezinshuisouders hebben twee gevalideerde vragenlijsten gekregen, de WHO-lijst m.b.t. welbevinden en de AMC-RES-vragenlijst m.b.t. veerkracht. De term ‘gezinshuis’ is relatief nieuw. Het is een kleinschalige opvang voor kinderen die om allerlei redenen niet bij de biologische ouders kunnen wonen.

Als het goed gaat, is dit een stabiele, langdurige opvang en kunnen de kinderen/jongeren daarna de stap naar de eigen zelfstandigheid zetten. In de gezinshuizen heeft in ieder geval een van de gezinshuisouders een Hogere Beroepsopleiding op sociaal-pedagogisch of zorginhoudelijk gebied. Sommige zorgaanbieders gaan ook akkoord met een opleiding op mbo-niveau 4. Verder is er vaak een groot netwerk met formele en informele betrokkenen. Volgens de meest recente telling van kennisplatform Gezinsinspiratieplein waren er in 2018 in Nederland 937 gezinshuizen. Uit internationaal onderzoek blijkt, wat het gezonde verstand al vermoedt, dat de kinderen het in een kleine setting met vertrouwde volwassenen rondom veel beter hebben dan in een grote residentiële instelling. De kwaliteit van hun leven en daarmee de kansen voor hun toekomst nemen aanzienlijk toe.

Meer info
3,90
Je Eigen Stek (JES): een doorstroomvoorziening in zelfbeheer, gericht op daklozen

Je Eigen Stek (JES): een doorstroomvoorziening in zelfbeheer, gericht op daklozen

Jeroen (48 jaar) is oud-bewoner en oud-voorzitter van Je Eigen Stek en nu ervaringsdeskundig onderzoeker bij onderzoeksbureau Meetellen. Hier werkt hij mee aan onderzoek naar Je Eigen Stek. Na zijn tijd in Je Eigen Stek heeft hij een eigen huis gekregen.

Toevallig heb ik vandaag het contract gekregen; de woning staat nu op mijn eigen naam. Tot nu was de woning van HVO-Querido en moest ik begeleiding accepteren. Vanaf vandaag sta ik weer op eigen benen en heb ik geen bemoeienis van de hulpverlening. Ik ben ook geen cliënt meer; dat is toch wel een lekker gevoel. Ook om niet meer ergens aan vast te zitten en het zelf te kunnen doen. Ik kan nu echt mijn eigen weg uitstippelen. Ik heb het overigens altijd goed kunnen vinden met mijn begeleider; ik voelde me ook echt door hem gesteund. Maar het is fijn om geen speciale regels meer te hebben en geen formulieren meer in te vullen. Ja, een eigen huis, dat is super.’ ‘Ik werk als vrijwilliger bij het onderzoeksbureau Meetellen,’ vervolgt Jeroen, ‘waar we de stem van Amsterdammers in een kwetsbare positie onderzoeken, zodat ook zij gehoord worden. Daarnaast help ik af en toe bij Je Eigen Stek (JES).

Nu werk ik nog vooral vanuit huis, door corona, maar hopelijk kunnen we straks weer meer naar buiten. Ik ben nu al een jaar alleen aan het werken hier thuis. Het is fijn om collega’s straks weer live te kunnen zien. Vorige week zag ik een aantal nieuwe collega’s voor het eerst; dat doet toch wat met je. Uiteindelijk wil ik weer betaald gaan werken, als onderzoeker bij het onderzoeksbureau Meetellen.’

Meer info
3,90
Laaggeletterdheid begrijpelijk zijn is best moeilijk

Laaggeletterdheid begrijpelijk zijn is best moeilijk

Praten en schrijven lijkt zo gemakkelijk. Toch neemt het aantal laaggeletterden toe. Het is belangrijk dat iedereen informatie begrijpt, ook mensen met lage taalvaardigheden. Daarin is nog veel winst te behalen. Huub Wiltschut interviewde Enid Reichrath over dit belangrijke onderwerp.

Wat is laaggeletterdheid?

Enid: ‘Laaggeletterdheid doet zich voor bij mensen die, om welke reden dan ook, moeite hebben om schriftelijke informatie om te zetten in juist handelen. De meesten van hen kunnen wel lezen en schrijven, maar de informatie niet omzetten in wat als (re)actie van hen verwacht wordt. Laaggeletterdheid kan veroorzaakt worden door een (licht) verstandelijke beperking, maar bijvoorbeeld ook door niet-aangeboren hersenletsel, omdat Nederlands niet de moedertaal is, men in een taalarme omgeving opgegroeide, of door een combinatie van die factoren.’

Laaggeletterdheid kan onder andere blijken doordat informatie niet goed verwerkt is. Iemand wordt bijvoorbeeld via een brief uitgenodigd voor een gesprek bij de gemeente. De persoon verschijnt niet op de juiste dag, niet op het afgesproken tijdstip óf heeft niet de juiste papieren bij zich. Enid: ‘Dat is ineffi - ciënt en levert de burger en de ambtenaar problemen op.

Meer info
3,90
Meewerkend begeleider bij mensen met een beperking: ‘Ik zit op de goede plek’.

Meewerkend begeleider bij mensen met een beperking: ‘Ik zit op de goede plek’.

Waarom werk je in de hulpverlening? Welke persoonlijke vaardigheden en vakkennis vraagt het werken met mensen met een verstandelijke beperking van jou als begeleider? Waarom vind jij dat werk leuk en aantrekkelijk? Jeroen Jansen, een van de meewerkend begeleiders bij Hof van Arcadia*, vertelt over zijn persoonlijke motieven, zijn werkstijl, uitdagingen en voldoening. Jeroen (44) werkte na het afronden van zijn opleiding aan de tuinbouwschool enkele jaren als hovenier. In het najaar en in de winterperiode deed hij grote bestratingsklussen op enorme bedrijventerreinen. Tijdens een van die koude dagen vroeg hij zich af: ‘Wil ik dit werk mijn hele leven blijven doen. Zo niet, wat spreekt me nog meer aan?’ Jeroen noemt zich een ‘mensenmens’ die als kind al behulpzaam was naar leerlingen die gepest werden. Als hovenier onderhield hij ook tuinen bij sociowoningen voor mensen met het syndroom van Down, met wie hij in de pauzes gezellige contacten had. Jeroen vertelt: ‘Ik deed diverse beroepskeuzetesten. Alles wees steeds op het werken in de sociale sector. Ik was ongeveer twintig jaar toen ik de dagopleiding startte tot activiteitenbegeleider in een klas met bijna uitsluitend pubermeiden. Een aparte ervaring, dat verzeker ik je!’
Meer info
3,90
Nep Echt een app die helpt om te kunnen zien of online informatie nep of echt is.

Nep Echt een app die helpt om te kunnen zien of online informatie nep of echt is.

Veel psychisch kwetsbare jongvolwassenen met een LVB vinden het lastig om online berichten te begrijpen en raken daardoor betrokken bij online incidenten zoals sexting, cyberpesten, manipulatie, oplichting en grooming. Ze willen graag een app en een infographic die helpen om te kunnen zien of online informatie nep is of echt.

Online incidenten

Hoe psychisch kwetsbare jongvolwassenen met een LVB kunnen profi teren van de kansen van (sociale) media is een belangrijk maatschappelijk vraagstuk. Deze jongeren hebben vaak moeite met beeldschermgebruik beperken, applicaties toepassen en met online communiceren (media-etiquette hanteren en berichten en symbolen begrijpen).1 Daardoor zijn ze vaker betrokken bij online incidenten zoals cyberpesten, manipulatie, oplichting en uit de hand gelopen sexting (seksfi lmpjes, foto’s delen) en grooming (misbruik).2,3 In recent peer-to-peer interviewonderzoek gaven zij unaniem aan niet goed te kunnen zien of online informatie nep is of echt, waardoor ze ruzie krijgen, belachelijk gemaakt of uitgescholden worden, tevergeefs Veel psychisch kwetsbare jongvolwassenen met een LVB vinden het lastig om online berichten te begrijpen en raken daardoor betrokken bij online incidenten zoals sexting, cyberpesten, manipulatie, oplichting en grooming. Ze willen graag een app en een infographic die helpen om te kunnen zien of online informatie nep is of echt. O achter betaalde nummers aan bellen, spullen kopen die stuk blijken te zijn, of iemand seks zien hebben als eigenlijk afgesproken is om te chatten.

Meer info
3,90
Powergirlz verhalen van vrouwen met autisme: ‘Anders zijn door autisme zie ik als een superkracht’.

Powergirlz verhalen van vrouwen met autisme: ‘Anders zijn door autisme zie ik als een superkracht’.

Quizvraag: Wie werd in 2019 ‘Persoon van het jaar’? De oranje clown in het Witte Huis? Wat te denken van de roodharige Britse prins? Of werd het een autistisch meisje-met-vlechten van zestien? De titel ‘Persoon van het jaar’ wordt jaarlijks uitgeroepen door het Amerikaanse Time Magazine. Het goede antwoord is: - roffel de roffel…- het autistische pubermeisje. Haar naam is Greta Thunberg. Ze werd beroemd omdat ze ging spijbelen. Om aandacht te vragen voor het veranderende klimaat. Beweerde ze. En toen ging ze viraal. Ruim voordat Covid dat deed. En ja, ze is autistisch. Hoe is het toch mogelijk dat een kind met een overduidelijke mentale beperking, want zo wordt autisme alom beschouwd, zo’n prestigieuze titel krijgt?

Greta

Greta Thunberg besloot op een dag te gaan staken. Dagenlang zat ze voor de deuren van haar school met de tekst ‘Skolstrejk för klimatet’ op een stuk karton geschreven. Haar actie werd wereldnieuws. Sindsdien verschijnt ze bij klimaatmarsen, schrijft ze stukken in kranten en houdt ze speeches. In scherpe bewoordingen, ‘Jullie stelen de toekomst van je kinderen waar ze bij staan’, poogt ze de wereldleiders wakker te schudden. Ze heeft in 2019 zelfs een speech mogen houden tijdens de klimaattop van de Verenigde Naties in New York. De hele wereld luisterde naar haar. Greta is ook aangevallen. Beschimpt door politici die zich niet te groot voelden om een meisje van zestien aan te vallen op haar autisme. Rechtlijnig, geobsedeerd, zwart-wit in denken en bozig. Typisch een autist, was nogal eens de strekking. Je kunt ook zeggen: principieel, standvastig, idealistisch en gedreven. Het is maar hoe je naar haar verkiest te kijken. Greta zegt zelf over haar autisme: ‘Het autisme maakt dat ik in sommige opzichten afwijk van de norm. Maar anders zijn door autisme zie ik als een superkracht.’ Het bracht haar op de cover van Time Magazi

Meer info
3,90
Project ‘Stigma in de Wijk’: mensen in de wijk bewust maken van stigma en de impact ervan

Project ‘Stigma in de Wijk’: mensen in de wijk bewust maken van stigma en de impact ervan

In een moderne wijk wonen mensen met uiteenlopende achtergronden, verschillende interesses, kleine en grote ambities en allerlei mogelijkheden. Soms valt iemand in de wijk op, door zijn of haar gedrag. Hoe gaan we daarmee om? Vaak weten we niet of en zo ja hoe te reageren of te handelen. Zonder het te willen of door te hebben, stigmatiseren we een medebewoner.

Daarom is Samen Sterk zonder Stigma het project ‘Stigma in de Wijk’ gestart. Om mensen in de wijk bewust te maken van stigma en de impact ervan. Samen met onze ambassadeurs laten we zien dat mensen zelf iets kunnen veranderen in hun wijk. De kennis die we opdoen over hoe je succesvol iets kunt aanpakken of veranderen in jouw wijk, zullen we in de loop der tijd zo veel mogelijk delen. HANDVATTEN BIJ ONBEGREPEN GEDRAG Wellicht wil je helpen. Of moet je actie ondernemen omdat het onderdeel is van je werk, maar weet je niet zo goed hoe. Hieronder vind je handvatten bij onbegrepen gedrag en informatie over waar dat gedrag vandaan kan komen.

Meer info
3,90
Risico’s op waarde schatten: wat maakt dat de LVB-doelgroep zoveel complexer is geworden?

Risico’s op waarde schatten: wat maakt dat de LVB-doelgroep zoveel complexer is geworden?

Zoals bij veel doelgroepen in het sociaal domein, wordt ook de LVB-doelgroep steeds complexer. Bijkomende problematieken die worden gezien zijn bijvoorbeeld psychiatrie, verslaving en criminaliteit. Julia Braun, binnen Middin (gehandicaptenzorgorganisatie) werkzaam als coördinator forensische zorg, en Hendrien Kaal, lector 'LVB en risicovol gedrag' bij de Hogeschool Leiden, vertellen over het signaleren van risico’s, manieren om hierover te praten en over hun samenwerking.

Binnen de LVB-doelgroep zien we steeds meer complexe problematiek,’ aldus Julia Braun. ‘Bij Middin maken we dan ook steeds meer een stap naar complexere zorg. De gehandicaptenzorg focust zich voornamelijk op cliënten met een zichtbare beperking en minder zelfstandigheid. De komst van de LVB+ doelgroep, de groep met een vaak niet-zichtbare beperking en bijkomende problematiek, vraagt echter om een andere begeleidingsstrategie.’ Met het oog op deze complexe doelgroep zijn Middin en Hogeschool Leiden een samenwerking aangegaan, waarin zij zich inzetten om cliënten met een LVB nog beter te ondersteunen. Een van de manieren waarop deze samenwerking vorm krijgt, is in de projectgroep ‘risicovol gedrag’.

Meer info
3,90
Samenspel en samenwerking: ook al vroeg je er niet om, de bonuspartners krijg je erbij

Samenspel en samenwerking: ook al vroeg je er niet om, de bonuspartners krijg je erbij

In heel wat situaties heb je als professional niet alleen te maken met jouw ‘eigen’ leerling, student, patiënt, cliënt, deelnemer of klant, maar ook met de mensen daar direct omheen; de mensen die een belangrijke rol spelen in het leven van jouw onderwijs-, zorg- of hulpvrager. De ouders of verzorgers, opa’s en oma’s, andere familieleden, buurtgenoten of vrienden die deel uitmaken van zijn persoonlijke en nabije sociale netwerk.

Zoals de ouders of verzorgers van kinderen en jeugdigen in het onderwijs, de jeugdgezondheidszorg of -hulpverlening of de mantelzorger, cliënt ondersteuner en vrijwilliger die de patiënt of cliënt helpt in het contact met jou en jouw organisatie of dagelijks bijstaat met zorg en huishoudelijke hulp. Maar ook de buurtgenoten die er alles aan doen om de gehandicapte buurman te betrekken bij de activiteiten in de wijk of de informele vertrouwenspersoon van een gezin dat zich in zwaar weer bevindt.

Meer info
3,90
Verward gedrag: een ‘wicked problem’ of een ‘veelkoppig monster’

Verward gedrag: een ‘wicked problem’ of een ‘veelkoppig monster’

Ze noemen het wel een ‘wicked problem’ of een ‘veelkoppig monster’. Zes jaar geleden startte Nederland met een aanpak voor de problematiek van ‘verwarde personen’. Later ging dat ‘personen met verward gedrag’ heten en nu spreekt men van ‘personen met onbegrepen gedrag’. Maar welke naam je het ook geeft; het is en blijft een complex probleem.

Op 19 mei 2015 organiseerden de ministeries van VWS en Veiligheid en Justitie een bijeenkomst in een hotel in Den Haag over het toenemend aantal incidenten met verwarde personen. Vertegenwoordigers van politie, gemeenten, zorgorganisaties, cliëntorganisaties en maatschappelijke opvang waren uitgenodigd. De politie hield een presentatie met plaatjes over het groeiend aantal meldingen van mensen die verward op straat liepen, soms gevaarlijk gedrag vertoonden, en voor wie geen adequate hulp beschikbaar was. De boodschap was duidelijk: zorgorganisaties zijn verantwoordelijk voor deze mensen, maar omdat zij hun taak niet goed oppakken, verergeren problemen en komen ze uiteindelijk op het bordje van de politie terecht. Dit kon zo niet langer doorgaan. Op dat moment verschenen al regelmatig berichten over verwarde personen in de media en ook de politiek roerde zich. Een paar maanden eerder was de toedracht duidelijk geworden rond de moord op oud-minister Els Borst. Ze was omgebracht door een psychiatrisch patiënt die ook zijn eigen zus had vermoord. De man was bekend bij diverse instanties. Hij had zelf meerdere keren om hulp gevraagd, maar vergeefs. Noodkreten van zijn familie waren genegeerd. Door de tragische moord op Els Borst waren alle politieke alarmbellen gaan rinkelen. In het hotel in Den Haag was de spanning voelbaar. Hier móest een krachtig optreden van de overheid komen.

Meer info
3,90